Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel wat overdreven was. Dit echter gebeurde niet. In sommige bladen, o.a. in de Nieuwe Rotterdammer verschenen wel enkele redactioneele artikelen van kalmeerende strekking, maar een man van naam en gezag, die tot het Nederlandsche volk zou zeggen: „Wees niet zenuwachtig, maar houd de oogen open, en de hoofden koel," trad niet op den voorgrond. Ikzelf was na mijn terugkeer uit Japan aan de Handelshoogeschool te Rotterdam gaan studeeren en kon dus als student, slechts met weinig autoriteit spreken. Desniettemin, toen niemand anders zich geroepen scheen te gevoelen meende ik niet langer te mogen zwijgen, besloot ik de stoute schoenen aan te trekken en schreef het zooeven genoemde artikel, dat in de Gids van i Augustus 1916 verscheen. Ik schreef dit artikel midden in mijn studietijd en de sporen eener anderhalfjarige beoefening der wetenschap treden er wat al te duidelijk in naar voren, het is wat al te objectief en al te systematisch gehouden, waardoor een aantal mijner lezers mij hebben misverstaan. Deze misverstanden wil ik thans trachten uit den weg te ruimen!

Zooals gezegd was het mijn bedoeling in dit opstel te onderzoeken in hoeverre Japan een gevaar oplevert voor het rustig behoud onzer Aziatische Bezittingen en ik begon met te zeggen, dat wanneer Japan een gevaar is voor Indië, er slechts twee mogelijkheden zijn, en wel hetyzou moeten zijn een vreedzaam gevaar of wel een gevaar met wapengeweld. Ik onderzocht toeiPieerst in hoeverre er gevaar bestond voor een vreedzame verdringing van ons Nederlanders uit Indië door het Japansche volken de wijze waarop ik dit vraagstuk besprak schiep, ik moet het erkennen, de mogelijkheid eener verkeerde uitlegging.

Ik zeide namelijk, dat het gevaar eener pénétration pacifique niet groot is en daarvan dan ook nog niets viel te bespeuren en ik motiveerde deze meening door er op te wijzen, dat nog weinig of geen Japansch kapitaal in Indische ondernemingen gestoken was, dat slechts Japanners zonder invloed en aanzien naar Indië gingen en dat' de Japansche nijverheid slechts geringe concurrentie aandeed aan onze Nederlandsche industrie. Ik baseerde mijzelve daarbij op de feiten, zooals die mij bekend

Sluiten