Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komingen plachten te ontvangen, mochten worden toegekend.

Voorts moesten alle buiten Habinsaran werkzame Controlemantri's, drie-en-dertig in getal, buiten dienst worden gesteld, naar gelang de invoering van het districtsbestuur voortschreed, evenals de drie opzieners der wegen.

Een diep ingrijpende reorganisatie inderdaad, die evenwel voorshands tot bedroevende resultaten heeft geleid. Het is toch wel buiten allen twijfel zeker, dat, welke oorzaken er nog meer mogen geweest zijn, vooral aan dezen maatregel de ver om zich heen grijpende ontevredenheid, met als gevolg verwarring, onwil en daadwerkelijk of lijdelijk verzet moet worden toegeschreven. Indien al niet onmiddellijk, dan toch zeker zijdelings, houdt ook de moord op den gezaghebber Muller (2 Januari 1917) hiermede verband. De geestdrijverij der „godsdienstige" secte van de Pargoedamdam vond in de algemeene ontstemming en in de in verwarring geraakte gemoederen een maar al te vruchtbaren bodem.

In de brochure „de toestanden in Tapanoeli en de regeeringscommissiè" is dit punt weliswaar tamelijk uitvoerig toegelicht, maar om alle misverstand te vermijden, lijkt het niet ondienstig, ook hier dit vraagstuk nog eens goed onder de oogen te zien, en te wijzen op de moeilijkheden, die zich hier voordoen. Natuurlijk moet worden vooropgesteld, dat de bedoeling der regeering goed en zuiver was. Juist de uitbreiding van de bestuursbemoeienis, het steeds omvangrijker worden van zijn taak, de noodzakelijkheid om krachtiger op te treden deden een schel licht vallen op de zwakke plekken, die een bestuur door tusschenkomst van — voor een deel zelfs onbezoldigde — volkshoofden eigen zijn. Als doortasten en het nemen van snelle beslissingen noodig zijn, wordt het geduld der bestuursambtenaren op een zware proef gesteld, wanneer ze moeten werken met hoofden, die wel in theorie door de bevolking als haar wettige bestuurders worden erkend, maar wien het niettegenstaande dat gewoonlijk aan de noodige autoriteit ontbreekt, om hun gezag dwingend te doen gelden. De inlandsche maatschappij — zoo althans bij de Bataks — is aangelegd op een geven en nemen tusschen de hoofden en de bevolking, op vaak langdradige besprekingen en overwegingen, waarbij allerlei kleine belangen, vaak van persoonlijken aard, de groote, algemeene zaak uit het het oog doen verliezen.

Trouwens ook aan de hoofden zelf, althans aan verreweg de

Sluiten