Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoe waarschijnlijk deze veronderstellingen ook mogen zijn, bewezen is slechts in hoofdzaak een quantitatief verband, in zóóverre, n.1., dat het mogelijk is den voedingstoestand der vrucht in den moederschoot te beïnvloeden.

Ongetwijfeld heeft men het binnen zekere grenzen in de hand, zuiver door beïnvloeding van de moeder goed of slecht gevoede kinderen te verwekken.

Zoo was bijvoorbeeld het gewicht der kinderen van moeders, welke zich gedurende ongeveer een maand of drie vóór haar bevalling ontzien hadden, 10 /o hooger dan van die kinderen wier moeders tot op den laatsten dag min of meer zwaren arbeid hadden moeten verrichten.

Daartegenover vertoonden proeven om de vrucht door directe verbetering of vermindering van den moederlijken voedingstoestand te beïnvloeden, minder duidelijke resultaten dan wanneer aan het kind om zoo te zeggen in de moederlijke huishouding zelf een mededingster werd opgedrongen: lichamelijke arbeid van de moeder blijkt een voor de ontwikkeling der vrucht storende factor te zijn, omdat zij het rantsoen aan bruikbare voedingsstoffen, welke door het moederlijk organisme verstrekt worden, vermindert.

Een koe die overvloedig melk geeft, kan niet tegelijkertijd vet worden.

Karpers, welke in hun lichaamsbedekking geen schubben vormen (lederkarpers), groeien sneller dan hun geschubde soortgenooten, bij welke de vorming der huidbedekking een deel der beschikbare voeding tot zich trekt.

Dat een vrouw, welke in verwachting is zelfsnogin staat is, behalve den bij haar toestand behoorenden inwendigen arbeid, ook nog een massa niet verplichten uitwendigen arbeid te verrichten, is te danken aan haar buitengewoon arbeidsvermogen.

Veel duidelijker en veelvormiger dan vóór de geboorte is de invloed van de moeder op de hoedanigheid van haar kind daarna.

Wat in de eerste plaats een kind in zijn eerste levensjaren een goede lichamelijke gezondheid verschaffen kan, is maar al te zeer bekend; de propaganda voor het zelf' 227

Sluiten