Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV Over de krachtsontplooiing der vrouw, waartoe zij slechts in staat gesteld wordt door krachtsbesparing

De vrouw blijft gedurende de geheele periode harer rijpheid kinderlijk van gemoed en karakter, omdat zij, trots alle ontwikkeling, het stempel der oorspronkelijkheid behoudt.

Zij blijft evenwel géén kind, maar kinderlijk.

In verband daarmede'is het absoluut verkeerd den leeftijd enkel en alleen te beschouwen als den maatstaf der volmaaktheid en zoo het kinderlijke te zetten tegenover het rijpe als iets, dat eenvoudig onvolkomen is.

Van vergelijkend-ontleedkundig standpunt zou men eerder er toe komen het tegenovergestelde te gelooven. De zuigeling toch vertoont enkele specifiek menschelijke kenmerken op hun culminatiepunt: bijv. een groot hoofd met groote hersenen, een klein gezicht, een onbehaarde huid, een fijngebouwd beenderenstelsel; reeds na het derde levensjaar beginnen deze lichamelijke eigenschappen, waardoor het menschelijk geslacht zich onderscheidt van de dierenwereld, te verdwijnen en men zou met eenig recht, maar ook met zeker voorbehoud, kunnen beweren, dat dan reeds de seniele aftakeling een aanvang neemt.

Dit gebeurt bij het vrouwelijk organisme veel minder snel en direct dan bij het mannelijk.

De diverse leeftijdsklassen zijn qualitatief verschillend en elk heeft zijn eigen voor- en nadeelen.

Sluiten