Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schoonheid, en wordt daarom meer gezien en gevoeld dan onder woorden gebracht.

In de prilste jeugd schijnt de vrouwelijkheid daarom zuiverder, daar de vrouw dan de overige natuur nog niet geheel in zich opgenomen heeft.

Dat is dan ook de reden, waarom zij ons van tijd tot tijd beter waarneembaar schijnt; zij is minder een karaktertrek dan een stemming, die van oogenblik tot oogenblik verandert en aan wisseling onderhevig is.

In de gevoelvolste gebaren, in de meest levendige uitdrukking van het moreele en zelfs van het intellectueele karakter kan de typische vrouwelijkheid zichtbaar zijn; het trouwst openbaart zij zich evenwel in de lichamelijke gestalte en het met de zinnen waarneembaar stoffelijk uiterlijk en straalt zij, tot ideaal verheven, als godin der schoonheid.

Zoo vinden we dan ook gemakkelijk bij de vrouw datgene terug, wat ons onbestemd en vaag gevoel ons omtrent de ontwikkeling harer vormen doet verwachten.

Zoodra we de gevoelens onderzoeken, welke haar aanblik bij ons opwekt, voelen we ons doordrongen van de weelde harer bekoorlijkheid, welke door de verwonderlijke schoonheid van haar lichaamsbouw bepaald en door haar fijne gratie verzacht wordt.

Daardoor schijnt de vrouw ons menschelijker.

Wij naderen haar met hoopvolle verwachting, hoewel zij op geenerlei wijze haar koninklijke hoogheid verloochent.

De bijzondere gevoeligheid van den man voor de jeugdig gekleurde aantrekkingskracht der vrouw gedijt op den vruchtbaren bodem der algemeen menschelijke voorliefde voor het jeugdige, welke in alle mogelijke verhoudingen uitkomt: van de onbepaald aangename gewaarwording bij het zien eener ontluikende bloem tot de ons hart verblijdende vreugde over onze nakomelingschap.

Sluiten