Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Elzebee (weer aanhalig). Daaraan zie ik dat je echt van me houdt. Wil je ... .

Jan (weert haar af). Opheldering wil ik; en liefst dadelijk.

Elzebee. Goed, goed; die krijg je. Maar wees toch niet zoo uit je humeur!

Jan. Niet uit mijn humeur; als ik je zóó terugvindt I ?

Elzebee. Zeg eerlijk, heeft Oom me verraden? Och, het kan me alles ook niet schelen, nu 'k je weer heb.

Jan. Maar mij kan alles wèl schelen, en bliksems veel ook!

Elzebee. Dat 's „bliksems" verstandig!

Jan. Geen grappen, wees ernstig!

Elzebee. Och hemel, de ernst, daar heb je 't weer. Ga je me nu op mijn kop geven ? Och Johnny, wat heb je er aan! Bedenk liever, hoe zalig het is om elkander weer te vinden.

Jan. Erg „zalig" om je zóó hier weer te vinden; pretmakend met vreemden, en dat nog onder valschen naam!

Elzebee. Dus tóch een scène !? (met een zucht) Vooruit (gaat zitten) dan ook maar alles ineens.

Sluiten