Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

we moesten in de wagens slapen. Mijn vader wist niet, hoe hij het geld krijgen moest om het huis te laten opbouwen. Toen gaf moeder hem de raad, van een harer jeugdvrienden te leenen, een tegelfabrikant, hier in de buurt. Vader leent, maar hoeft geen rente te betalen, en dat verwonderde hem. En dan werd de hofstee' herbouwd! — (Drinkt weer). Weet je, wie de hofstee in brand heeft doen steken?

Jean.

Uw moeder.

De freule. Weet je, wie de tegelfabrikant was?

Jean.

De miriTijiar' van uw moeder?

De freule. Weet je, wiens geld het was ?

Jean.

Stil even — neen, dat weet ik niet

De freule. Het behoorde aan mijn moedert Jean.

Aan de graaf dus, wanneer er geen huwelijksche voorwaarden waren?

De freule.

Er waren geen voorwaarden! — Mijn moeder had een klein vermogen, dat zij niet door mijn vader wilde laten beheeren en daarom zette zij het bij haar — vriend.

Sluiten