Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eer van de stroomsterkte en dergelijke factoren. In dit geval gelden dan ook de wetten, welke wij in hoofdstuk I besproken hebben, niet. Daar behandelden wij de zoogenaamde temperatuurstraling, terwijl wij hier met hchtuitstraling onder den invloed van electrische ondadingen, met electro-luminescentie, te doen hebben. Er treden dus eene reeks nieuwe verschijnselen op, waarvan wij enkele in het kort willen bespreken.

2. De ionisatie van het gas en de rol van de kathode.

Onder normale omstandigheden geleidt het gas tusschen de electroden den stroom niet. Bij de gebruikelijke spanningen gaat er geen stroom door, hoe klein men den afstand tusschen de electroden ook maakt. Brengt men ze echter met elkaar in contact en vergroot men daarna weer hun afstand, dan kan er

een boog tusschen blijven bestaan. Bij de aanraking verwarmt zich de contactplaats, waar de electrische overgangsweerstand

zeer groot is, zóó, dat Fig. 35.

zij op hooge temperatuur komt.

Eene voorwaarde voor het ontstaan van den lichtboog is nu, dat de negatieve electrode, de kathode, gloeiend wordt.

Sluiten