Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het spreekt natuurlijk vanzelf dat er overigens tusschen Nederlanders en Duitschers een nauw verband bleef bestaan, zooals ook natuurlijk was tusschen twee volken, die feitelijk van één stam, zoo onmiddellijk aan elkaar grensden en wier economisch-aardrijkskundige aaneensluiting dezelfde bleef. Hoewel er eenige overdrijving in ligt teekende Friedrich List dat in zijn Nationales System der Oekonomie, (1841) vrij duidelijk: Holland is door zijne aardrijkskundige ligging zoowel als door zijne handels- en nijverheidsbelangen, afstamming en taal, eene oorspronkelijk Duitsche provincie. Men behoeft slechts te wijzen op de Nederlandsche steden die leden waren of geweest waren van de Duitsche Hanze, op de behoeften aan elkanders nijverheidsproducten, op de oorspronkelijke taaigelijkheid (nog zoolang niet geleden sprak men nog van Nederduitsch voor Nederlandsen) om in te zien, dat de bevolking der Nederlanden, van het Noorden vooral, en der Duitsche landen elkander zeer na stonden.

Er was trouwens nog een kant, waarin zij overeenstemden en dat was hun vrijheidszin. In Nederlandsche ooren klinkt dat vreemd. Wij zijn gewend ons de Duitschers anders voor te stellen. „De menschelijke individualiteit gold", zoo zegt een Duitsch schrijver over de Duitschers ten tijde van Luther's beweging", „meer dan nu (1817). De Duitsche man begon toen eerst zijn nek te buigen onder de Wet, die zijn wederstand begrensde. De Rijksburger had (1517) nog zijn muren tegen de willekeur van den vorst; de vorst hing van vele kleine vasallen af, staande legers waren nog onbekend. Een koen man kon gemakkelijk duizenden om zich verzamelen, wanneer zijn zaak de zaak des volks was ').

Met de Nederlanders stond het niet anders. Veeleer was hun onafhankelijkheidszin nog grooter. Bemardi Fresneda, de biechtvader van Philips II sprak in den Kabinetsraad, waarin over het zenden van Alva met een leger naar de Nederlanden beraadslaagd werd: „Zoo ik mij niet bedrieg is „Nederland opgepropt met volk, verre verwijderd van de

') Luther und seine Zeitgenossen oder Ursachen, Zweck und Folgen der Reforraation von r. Wahrheit gegen Freund und Feind. Leipzig. 1817.

Sluiten