Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„18 rijker in wendingen, in eigenaardige, eigenlijke en schilder„achtige uitdrukkingen, dan de taal der Hoogduitschers, onze „stijl is gekuischter dan de hunne.. ..

„Is het te ver gezocht, wanneer men Holland's begaafdheid op het gebied van taal en stijl in verband brengt met „een scherper geteekend zijn van onze persoonlijkheid?

„De Duitscher buigt gemakkelijker voor zijn meerderen; „wij zijn eigenlijk geboren republikeinen, ofschoon altijd gehoren in eene aristokratische republiek, en daarom geschikter, „althans meer geneigd tot voorgaan dan tot volgen. Met „taai geduld vervolgt elk zijn eigen weg; elk woont, ook „in geestelijken zin, in zijn eigen huis ^n gevoelt zich daarin „heer en meester. . ."

w ij zijn dus — wil Pierson daarmee zeggen — een volk van individuen.

De verwijdering tusschen Duitschland en Nederland heeft dus niet alleen bestaan in het losmaken van staatkundige banden. Zij heeft zich ook uitgestrekt tot de algemeene karaktertrekken des volks. Men moet zeer vroeg — tot in het begin der Middeleeuwen teruggaan om een soort karakterhomogeniteit te ontdekken. Veel vroeger dan in Duitschland, was er bij ons sprake van een democratisch levensbeginsel. Dweepziek of slaafsch zijn de Nederlanders nooit geweest. Ook de adel niet.

Dat bezorgde ons bij onze Oostelijke naburen den naam van bandeloos — terwijl dat, als het er op aan komt, toch niet het geval is.

De Historie heeft ons anders opgevoed — dan onze Germaansche stamverwanten. Onze strijdvaardigheid — ook een historisch gegeven bij de beschouwing der Germanen — hebben wij daarbij een weinig ingeboet.

Ofschoon men goed zou doen er op te rekenen, dat zij niet geheel verdwenen is.

Zoo hebben dan de historische betrekkingen tusschen Nederland en Duitschland niet geleid tot aaneensluiting. 343

Sluiten