Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit dezen ooilog echter wel geleerd, dat het, om zijne bezittingen daar in 't verre Oosten van Siberië te behouden, zorgen moet de verbindingen met zijne macht van het Westen in goeden staat te brengen. Maar de moeilijkheden om dit te kunnen, moet men niet gering achten. Tusschen St.-Petersburg en het eindpunt van oost-Siberië, Wladiwostok [de naam beduidt: beheersch het Oosten!], liggen 10.000 kilometer, dat is een afstand per sneltrein van 9 dagen.

In 't jaar 1857 gingen drie sotnia's Transbaikalsche kozakken met hunne familiën op reis naar het Amoerland om dit te koloniseeren. Ze werden er op afstanden van 20 tot 30 kilometer verdeeld om ter plaatse het land te bebouwen en er hun bestaan te vinden. Ze hadden tevens voor de veiligheid der streek te zorgen tegen Chineesche grenstroepen, en voor het postverkeer tusschen Transbaikaliê en het Amoerland. Ze volbrachten schitterend hunne taak. Zij rooiden de boomen der bosschen, legden de moeraslanden droog, maakten den woesten grond tot bouw- en weilanden, en deden tevens hun dienst als grensbewaarders met trouw en volharding.

Nog veel moeilijker taak dan deze Amoer-kozakken hadden eenige andere bataillons, die in 1858 eveneens uit Transbaikaliê kwamen en aan het Chankameer in het Oessoeri-dal zich moesten vestigen. Zij deden de lange reis naar de Chineesche grens met vrouw en kinderen, den Amoer af en de Oessoeri op, en leden onderweg door allerlei ontberingen. Toen ze eindelijk in hun nieuwe vaderland aankwamen, bleek het, dat de grond niet eens overal voor den landbouw geschikt was. Ze hadden verder met overstroomingen te kampen, kregen nog een aantal strafschuldige bannelingen tot hun last, en raakten in één woord de uitputting nabij. Ze moesten zelfs tot de jacht en de vischvangst, de gewone bestaansmiddelen van de inboorlingen der streek, hunne toevlucht nemen om het leven te behouden. En toen de Chineezen der streek in 1868 tegen hen in opstand kwamen, hadden ze zelfs groote moeite zich te handhaven. Men mag wel zeggen, dat de Amoer-, maar vooral de Oessoeri-kozakken het bovenmenschelijke hebben gedaan om de Russische heer-

Sluiten