Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te laten volgen; maar noch het een noch het ander sluit de mogelijkheid uit, dat de toenemende macht van Japan, dat Korea beheerscht, en van China, dat uit zijn toestand van verdooving gaat ontwaken, voor Russisch Siberië aan den Amoer en den Oessoeri eene bedreiging wordt. Het gele gevaar is allesbehalve denkbeeldig.

Natuurlijk komt het al dadelijk aan op de verhouding van het Russische en het vreemde volksdeel in de Sibensche gebieden. Welnu, voor het jaar 1911 telde

Oessoeri 523.840 bew. en onder dezen 360.437 Russen Het Amoerland 286.263 | 242.304 „

Samen 810.103 602.741 „

Onder eene bevolking van 810.103 menschen waren dus 602.741 Russen en 207.362 vreemdelingen (dat wil zeggen in hoofdzaak Koreanen en Chineezen). Vooral in de laatste jaren der 19de eeuw was de toeloop van Koreanen naar het Russische gebied zeer groot geworden. Misgewas en onderdrukking in hun eigen land, die hongersnood en ellende te voorschijn riepen, waren er oorzaak van. Het werd echter te erg, oordeelde de Russische regeering: de niet-Russische bevolking werd „een nationaal gevaar". Er moesten tegenmaatregelen getroffen worden, bv. deze: „alleen^ Russische onderdanen kunnen in Siberië landeigenaars worden' , en deze: „wie vóór 1884 in Siberië gekomen zijn, kunnen Russische onderdanen worden, de overigen zullen slechts als tijdelijk verblijf houdenden .worden aangemerkt en moeten na afloop van den hun toegestanen tijd van verblijf weer vertrekken . Inderdaad moesten dan ook in 1891 eene menigte Koreanen hunne Siberische bezittingen verkoopen en of naar Korea terugkeeren, of zich in Mandsjoerije vestigen, waar hun door de Chineesche regeering eene nieuwe plaats van vestiging werd aangewezen. Nh'

Toch kwamen nog altijd Koreaansche landverhuizers naar het Oessoeri-gebied, al was het dan ook alleen maar als veldarbeiders gedurende den zomertijd.

316

Sluiten