Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Guadalupe Hidalgo verkregen zij daardoor een gebiedsuitbreiding van 1.350.000 K.M*.

Inwendig bleef de strijd of in die geweldige oppervlakte de slavernij zou worden toegestaan, levendig, Californië trad in 1849 als Staat toe. Kansas in 1859. Oregon werk in 1846 verkregen.

Over het algemeen vidLwaar te nemen dat de Regeering der V. S. geneigd was de belangen der slavenhoudende Staten zwaar te laten wegen. Bij het aanknoopen van betrekkingen met de Zusterrepublieken, die zich na de verjaging der Spanjaarden, in Midden- en Zuid-Amerika gevormd hadden, legden die belangen van het Zuiden een zwaar gewicht in de schaal.

In het Noorden ontstond daarover protest, o.a. bij gelegenheid van het panamerikaansch (!) congres te Panama in 1825.

Aldus voorttrekkende door de prairiën van het Westen was eindelijk — en toch nog vrij spoedig — de Stille Oceaan bereikt. De dertien oorspronkelijke Staten waren gewassen tot de Continentale macht, die, in politieken zin, aan die verre westelijke kust, volgens de nieuwe Amerikaansche geslachten, in een volgende periode der geschiedenis, een leidende rol zou spelen.

Een bevestiging van dat gevoelen is de verscherping van de Monroe-leer, tijdens de snelle en geduchte uitbreiding, die in 1867 werd afgesloten met den aankoop van A1 a s k a. Voor 7.000.000 Piasters stond Rusland het groote gebied (1.500.000 K.M3) af.

Men beschouwde dat in Amerika als een afsluiting van het continent en tevens als een waarschuwing voor Engeland dat Canada bezit!

Die verscherping van de Monroe-leer, ten opzichte van Europeesche inmenging in Amerikaansche aangelegenheden bleek in het Yukaton-vraagstuk, (1848). Dat bleek ook niet minder uit het dreigende ultimatum in 1867 aan het Napoleontisch keizerrijk in Mexico gesteld. Hoever de gedachten van de Amerikaansche Regeering — 20 jaren te voren — reeds gingen, is ook te zien uit het Clayton-BulwerTractaat

Sluiten