Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

algefneene zienswijze. Het was nog niet de tijd om de steIHhg van den tegenstander te forceeren. Galilei, die het niettemin beproefde, geleek den veldheer, welke een t vesti'ig stormenderhand wil innemen zonder loopgraven gelegd en bressen geschoten te hebben. Van het mislukken van zulk een bestaan draagt hij op de eerste plaats de schuld, die het waagt."1)

Hiermede was het eerste proces tegen Galilei geëindigd. Het was bijzonder gericht tegen het stelsel van de leer zelj van Galilei; het tweede proces van 1633 voor het Heilig Officie is meer gericht tegen zijn persoon wegens misdrijf van ongehoorzaamheid en overtreding van het verbod, hem in 1Ó16 opgelegd, zijn veroordeeld stelsel nog als een wetenschappelijke waarheid te verdedigen. Uit dien hoofde werd Galilei in 1633 veroordeeld als ten zeerste verdacht van ketterij.

„Hierbij is het niet de vraag, of de behandeling, welke Galilei op zijn hoogen ouderdom ondervond, ons medelijden verdient, maar of hij de wet, wier naleving hij zelf heilig beloofd had, overtreden heeft en hij derhalve rechtvaardig door zijn rechters veroordeeld werd. Verdienstelijke grijsaards zullen, wanneer zij tegenslag ondervinden, altijd ons medelijden opwekken, al zijn zij nog zoozeer de schuld van hun ongeluk. Maar het is onbillijk dit medelijden tegen de rechters, welke naar de wetten hebben te oordeelen, uit te spelen." (2)

De ToskaansChe geleerde zou geen slechte figuur gemaakt hebben, indien hij zijn belofte getrouw had nageleefd. Zijn wetenschappelijke roem ware gevierd geworden, de adel zijner ziel, zijn onderdanigheid nog hooger geprezen. Volgens zijn vertrouwelijke mededeelingen aan PiCCHENA dacht hij van zich zelf, „dat zijn gedrag zoodanig was geweest, dat een heilige met geen hoogeren eerbied en geen grooteren ijver tegenover de Kerk had kunnen handelen." Doch zijn daden spraken deze gevoelens lijnrecht tegen.

Galilei kon zijn nederlaag niet verkroppen, zijn onbedwingbare hartstocht en zijn eigenliefde konden er niet in berusten en zochten zich, spottend met alle gevaar, te bevredigen. Ondanks zdjlh' in 1616 gegeven woord ging hij weer voor het systeem van copernicus werken. Volgens GuicciarêLSi, den

1) G. Schneemann, 1. c. XIV, p. 129—130. .(ƒ j> G. Schneemann, 1. c. XIV, p. 263.

Sluiten