Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

o!m het tegendeel te bewijzen. Het was absoluut niet 'de bedoeling der Romeinsche Congregaties en der Pausen om de verdere ontwikkeling der sterrenkunde en der andere wetenschappen tegen te gaan; het is in hun hoofd niet opgekomen. Maar volgens hun plicht en roeping hebben zij slechts in de gegeven vnstandigheden een maatregel van tucht genomen om gevaar voor een grooter goed dan de wetenschap, namelijk voor het geloof, te beletten. Men zou zich aan de grofste onrechtvaardigheid schuldig maken, als men deze' herderlijke waakzaamheid in hen wraakte. ...

„Was de veroordeeling van Galilei schadelijk voor den voc ruitgang der wetenschap ? Volstrekt niet, niet eens voor Galilei zelf. Zijn grootste werk, waardoor hij de vader der nieuwe natuurkunde werd, zijn dialoog over de „Nieuwe Wetenschappen", werd eerst na zijn veroordeeling voltooid en uitgegeven. De villa Arcetri bood hem den vrijen tijd' voor zijn ■ vorschingen, welke hem misschien niet ten dienste zou gestaan hebben, als hij aan het l oskaansche hof gebleven en in nieuwe controversen over het Copernikaansche svsteem verwikkeld was. Zoo trok hem zijn tegenslag van een vraagstuk af, waarvan de oplossing volgens den toenmaligen stand der wetenschap nog niet rijp was, en voerde hem' onverdeeld tot andere vraagstukken, waar hij nieuwe banen opende.

Nog minder dan Galilei werden anderen, gelijk de ge. schiedenis der mathematische en physikalische wetenschappen bewijst, door het strafvonnis tegen dezen astronoom in hun wetenschappelijke vorschingen gehinderd. De tegenstanders denken' algemeen veel te gering van de wetenschap, wanneer zij beweren, dat haar voortgang door zulk een maatregel belet zou kunnen worden. Maar zoo doet men. Nu eens stelt men ze pantheïstisch als een gódheid voor, welke met absolute, onveranderlijke noodwendigheid zich ontwikkelt en vooruitgaat. Dan weer spreekt men van haar, alsof zij een hysterisch vrouwtje is, dat louter door de gedachie aan de verschrikkingen der Inquisitie zenuwzwak wordt en flauw valt. Neen, neen, de wetenschap is geen godheid — menschen zijn het, die ze beoefenen — maar z% wie God een ware liefde tot de wetenschap instort, gelijk er ontelbaren in de Roomsche Kerk bestaan, dezulken laten zich zoo licht niet van een onverpoosd vorschen afhouden, overtuigd, dat de Heilige Kerk, de moeder der beschaving, vurig den waren vooruitgang wenscht en op alle mogelijke wijze bevordert, en dat geen nieuw ontdekte waarheid de eeuwige, door God geopenbaarde en door de Kerk verkondigde waarheid kan tegenspreken. f

Wetenschap en godsdienst zijn twee zusters, die in de gaoiotste harmonie tot elkander staan, omdat beide alleen de waarbeid zoeken. Maar deze harmonie kap. verstoord worden wegens

Sluiten