Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Het antwoord op deze vraag-, kon, rnet het oog op de moeilijkheden, die daartegen gemaakt werden en noch door galilei, noch door een zijner medestanders konden opgelost worden, niet twijfelachtig zijn. Het stelsel van CoÊEKlHQiïS had in die dagen slechts op den naam van hypothese, niet op dien eener stellig bewezen waarheid aanspraak. In de gegeven omstandigheden derhalve moest men verwachten, dat de Kardinalen tegen de overdrachtelijke uitlegging der bedoelde bijbelplaatsen in verzet zouden komen. Eerst dan zou dat anders worden, wanneer deugdelijke bewijzen de wetenschappelijke onderstelling tot den rang eener ^Sff^^ waarheid zouden verheven hebben. Die toen nog ontbrekende bewijzen zijn naderhand geleverd, en daarom verbiedt de Kerk thans aan niemand, om de H. Schrift waar zij van den stilstand der aarde en de beweging der zon spreekt, in overdrachtelijken zin te verklaren. Zoowel bij de uitnoodiging als bij de opheffing van haar verbod heeft zij hetzelfde beginsel gevolgd: Men moe' bij de verklaring der H. Schrift den letterlijken zin der woorden zoo lang vasthouden, als dit zonder ongerijmd heid oj tegenspraak kan geschieden; eerst in hei tegenovergestelde geval mag men tot een andere uitlegging overgaan. Had Galilei afdoende bewijzen voor hét stelsel vart COPERnicus aangevoerd, dan zouden de Kardinalen hem niet verboden hebben den letterlijken zin der bewuste bijbelteksten op te geven; zij zouden hem volle vrijheid gelaten hebben om aan te nemen, dat de HH. Schrijvers zich aldaar naar de algemeene opvatting en de uiterlijke waarneming hadden gevoegd. Opdat men ons nu niet beschuldige een uitvlucht te baat te nemen, halen wij hier de woorden aan, die F abri, een geleerd Jesuiet en groot-poenitencier der Vaticaansche Basiliek, reeds ten tijde van Gaü&i aan zekeren volgeling van copernicus schreef: „Zoo gij soms een afdoend bewijs voor dit stelsel mocht vinden — hetgeen ik echter moeilijx gelooven kan — dan zal de Kerk ontegenzeggelijk verklaren, dat die plaatsen van de H. Schrift in een oneigeniijken en figtMitlrjken zin moeten uitgelegd worden, evenals de woorden des dichters: te/rae urbesque recedmt — land en steden wijken terug". (V

Derde moeilijkheid. — Maar men heeft toch tegen Galilei misdaan en hem veroordeeld om een feit, de beweging der aarde om de zon, waarin hij gelijk had.

Subfecéief hebben de Congregaties, de rechters van galilei. in geen der beide processen tegen Galilei misdaan, want zij waren in de volste overtuiging, dat zij zoo en niet anders tegen hem handelen moesten, en zij hebben dit optreden telkens

( ■ p) Geschiedvervi4%shing, p. 615—616.

Sluiten