Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu vlak bij de deur: „Vertrouw nu op Hem; zoodra ik iets geschikts weet, zal ik het je vertellen, en wie weet waar wij binnenkort van hooren! Als wij met geloof hebben gebeden, kunnen wij rustig de verhooring van ons gebed afwachten."

Bijna was Ilse naar de deur gesneld en had ze geroepen: „Het gebed is al lang verhoord, want ik weet iets, dat juist bijzonder geschikt zou zijn" maar het was alsof iemand haar stijf vasthield.

Ze had den brief in haar zak, dien ze dienzelfden ochtend ontvangen had van Mevrouw van Steggerda, die in het aangrenzende dorp, op het groote huis, woonde. Zij had Ilse daarin geschreven, dat zij op haar buiten een villa had, waar ze allerlei zwakke kinderen uit de stad liet aansterken. De oude directrice, die jaren aan het hoofd van de kleine inrichting had gestaan, wilde zich op den duur terugtrekken en nu zocht ze een jongere kracht. Ze had aan Ilse gedacht, en nu kwam ze haar vragen of zij geen lust had zich aan dit werk te geven. Zij had zooveel gehoord van haar toewijding en trouw, dat ze meer dan dankbaar zou zijn als Ilse aan hare bede gehoor wilde geven.

Als Ilse misschien thuis te veel gebonden was door de ziekte van haar moeder, wellicht kon ze dan een ander noemen. Het kwam er niet zoozeer op aan of men zulk werk meer had gedaan, ze zou alles van de directrice kunnen leeren — dan volgden er nog allerlei mededeelingen van financieelen aard.

Ilse was nu blij dat ze nog niet met haar moeder over dien brief had gesproken. Ze zou er nu ook niets van zeggen — zelf kon ze niet gaan, dat was buitengesloten, hare ouders zouden niet buiten haar kunnen - maar Soeurette wilde ze ook niet over dien brief spréken. Waarom eigenlijk niet? Het zou net iets voor haar zijn als zij een werkkring zocht.

Sluiten