Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat had moeder ernstig gebeden, je kon het aan den toon van haar stem hooren. Het was toch wel opmerkelijk dat zij het antwoord van dat gebed zoo maar in den zak had. Maar het zou niets geven, ze zou het voor zich houden, want ze wist het maar al te goed hoe dikwijls dokter van Hoogsteden naar die kleine inrichting ging. De kinderen mankeerden altijd wat. Hij had er haar dikwijls van verteld, ook, hoe aardig alles daar was ingericht en hoe goed de kinderen het er hadden. Hij zou haar dan telkens zien en nu op een gansch andere manier.

Ilse was opgestaan en bij het raam las ze den brief nog eens over. Toen ze haar moeder hoorde aankomen, frommelde ze hem gauw ineen, stopte hem in den zak en ging weer stil zitten naaien.

Mevrouw Steenbergen begon dadelijk op haar drukke manier te vertellen.

„We moeten iets voor haar zien te vinden Ilse" — besloot ze — „ze zal zoo gelukkig zijn, als ze gevoelt, dat ze ergens nuttig is. Wat ziet ze er lief uit, en wat is ze toch eenvoudig!".

Ilse antwoordde niet op al de verhalen van haar moeder, zij naaide, zonder op te zien, ijverig door.

„Jij hebt nooit zoo goed met haar kunnen opschieten, is het wel ?" polste mevrouw Steenbergen.

„Ze zijn altijd even aardig en vriendelijk," antwoordde Ilse, terwijl ze heel aandachtig tuurde naar den draad, die niet door het oog van de naald wilde.

„Maar je bent toch nooit op vriendschappelijken voet met ze gekomen, is het wel?"

„Ach! Moedertje, nu vervalt u weer in uw oude bezigheid. Weet u wel dat u vroeger nooit iets anders deedt dan vriendinnen voor mij uitzoeken en het lukte haast nooit; u hadt zoo'n dochter moeten hebben als Anne Marie, altijd even vroolijk en opgeruimd, en altijd vol verhalen.".

Sluiten