Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoofdstuk vi. De nieuwe buurman.

SOEURETTE stond aan het kleine stationnetje te wachten. De notaris zou voor een dag overkomen, en voordat zij een stap, in welke richting dan ook, deed, wilde zij eerst hem raadplegen.

Zij voorzag wel dat het niet gemakkelijk zou zijn hem te overtuigen, en den geheelen weg over had ze loopen denken, hoe ze hem toch zou overhalen om zijn toestemming te geven voor haar nieuwe plannen. Want zonder zijn toestemming wilde zij niets beginnen. Hoe zou het ook kunnen ? Zij herinnerde zich niet dat zij ooit iets gedaan hadden zonder hem er in te kennen Het goede brave Onkeltje! Maar soms was het moeilijk hem van iets te overtuigen, want hij had zeer beslist zijn eigen meening. Zij kon hem niet vertellen wat tante Versteynen gezegd had, en dat wilde zij ook niet.

Al denkende en in zich zelf overleggende liep ze op het perron, 't Was nu heerlijk, frisch herfstweder en met welbehagen snoof ze de heerlijke lucht in. De wind joeg de dorre bladeren hier en daar wild op, zelfs op het perron kwamen ze aandwarrelen.

Ze had een kleurig, paars zijden jersey mantel aan, die haar nauw omsloot en haar rijzige gestalte goed deed uitkomen. Van onder den kleinen, zwarten hoed met veer van dezelfde

Sluiten