Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zuster, die in de stad dient. Welk een verschil met haar lot! Als ze maar eens vrij kon zijn en de vleugels uitslaan, en vliegen ver, ver weg, net als die vogel daar, die zich verliest in de blauwe lucht.

Maar ze was in een getraliede kooi en ze zou nooit vrij zijn, om te doen wat zij wilde. O die menschen, hoe haatte zij ze, die vromen met hun vriendelijke woorden en zachte manieren, die alles voor je bestwil deden, en die je van je vrijheid beroofden 1

Maar ze wilde het niet langer verdragen. Wat weerhield haar om weg te gaan ? 't Zou lang duren, voordat ze merkten dat ze er van door was, en dan wisten ze nog niet welken kant ze uit was.

Als ze maar eenmaal in Apeldoorn was, daar liepen treinen genoeg naar de groote plaatsen, en haar zuster zou haar wel helpen Hf^*

Gelukkig, dat ze nog geld had. Een kaartje derde klasse was zoo duur niet. Ze wisten niet, dat ze geld had, ze spaarden het wel voor je op, zooals ze zeiden, op een spaarbankboekje. Maar wat had je er aan, als je het toch niet gebruiken mocht? Haar zuster had haar telkens iets gegeven, als ze haar opzocht, vijf mooie blanke guldens waren het geworden in den loop der jaren.

Zij had ze wat dikwijls opgepoetst! Nu zouden ze eindelijk het middel tot hare bevrijding worden De directrice was uit, dat kwam net goed uit, die had zoo'n manier, om overal te komen op z'n onverwachtst, je kon er nooit zeker van zijn, als ze in huis was, of ze niet zoo in eens maar binnen kwam.

Ze had het geld in haar matras genaaid, de eenige manier om zeker te zijn, dat het haar niet afgenomen zou worden.

Terwijl alles zoo rustig was, kon ze het mooi voor den dag halen. Ze dachten toch daar beneden dat ze aan den achter-

Onkeltje 12

Sluiten