Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn, maar hem, dien den moed bezit, zich onder het menschdom te begeven. En zijn wij niet slechts het spiegelbeeld van het Hoogere? Wie was het dus, tenslotte, die zich het eerste in den staat van boetedoening begaf, doch vrijwillig en vlekkeloos? De „Godheid". Offert dus, op Uw ziele-altaar. Uw schoonste offers, voor Hem, die het grootste offer van Zijn Leven niet spaarde 1

Blz. 9, strophe 4. De mensch, staande op de basis der menschheid, de „Dwaling" (want door het dwalen dwaalt hij), ziet omhoog naar zijn onmiddehjken Schepper „Nna". Doch hij vergeet, dat ook tra, op zijn beurt een afspiegeling, een geschapene van 'tb (de Almachtige) is, en juist dit is het voornaamste punt zijner dwaling. Want nu laadt hij zijn misstappen op dezen Schepper. Hij gelooft aan de af kooping van schulden, door uiterlijke en innerlijke lichaamskastijding, en als belooning een rustig leven na den dood. In plaats van, tijdens zijn leven, door ernstige overpeinzing, de fouten te herzien, om, na den dood, een hooger leven tegemoet te kunnen treden. En dan eerst ziet de mensch, hoe hij zelf zijn eigen schepper is. Want, door zijne vele fouten, wordt de begeerte in hem wakker, om. wedergeboren, de oude fouten te verbeteren en te doen afsterven. Maar wanneer eenmaal de keten is afgesneden, die hem met het Hoogere verbond, wanneer de stof vaster dan voorheen om zijn lendenen sluit, dan wordt de oude gelofte weder vergeten en nieuwe schulden worden gemaakt tegenover de Rechtvaardigheid. Doch eindelijk, na vele, vele levens, breekt dan de Zon der Kennis door, en zien we in, hoe verkeerd wij gehandeld hebben!

Bk. 10, strophe 2. Groen is de kleur der Aarde; in het algemeen: de Materie.

Bk. 10, strophe 4. De Schepper tna. als voortbrengende drieëenheid.

B IJ DE TEEKENING

De latijnsche zin: „Ego sam qui sum": „Ik ben die ik ben", heeft betrekking op de Godheid. „Ego" is het Para-Brahma. „Qui" is zijn afspiegeling^ de „schepper". Het rechter-„sum" is het „begin"; het linker-„sum" het „einde". Beiden in één principe (het Man-Vrouwelijke, het Para-Brahma) vereenigd. Vergelijkt Openb. 1:8: „Ik ben de Alpha en de Omega, het begin en het einde, zegt de Heer, die is en die was en die komen zal, de Almachtige", Verder 1:11: „Jk ben de Alpha en de Omega, de eerste en de laatste".

Sluiten