Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De verstandig onderscheidende jurist heeft dus telkens na te gaan over welk moment Hegel het heeft, als hij van „Vertrag" spreekt; en wij, als rechtsphilosophen niet alleen maar onderscheidend, maar ook samendenkend, zijn op onze wijze genoodzaakt telkens te overwegen op welk „moment" van Hegel's „Vertrag" in casu het accent gelegd moet worden, willen wij begrijpen, wat hij bedoelt.

Dat Hegel's „Vertrag" niet alleen het sluiten van de obligatoire overeenkomst, of de (in het verleden) gesloten overeenkomst is, maar de tot de levering geldende overeenkomst oftewel de verbintenis alsmede de levering insluit, blijkt reeds uit § 72, waar „der Vertrag" een „proces" genoemd wordt, waarin zich een tegenstrijdigheid stelt en opheft („vermittelt"). Deze „Vermittelung" houdt in, dat iedere partij bij het „verdrag" eigendom opgeeft, eigenaar blijft en eigenaar wordt (§ 72, 74 en 76 Zus.). Dit „proces" ontstaat met het sluiten der overeenkomst, en heft zich op in de levering; het proces is wezenlijk dit opheffen der overeenkomst. De overeenkomst wordt gesloten om opgeheven te worden! Zoolang deze nog niet opgeheven is, is zij er als verbintenis, als het zijn, waarin de eigenaars eigenaar zijn, met den wil het niet te blijven en tevens het (over en weer verkeerd) te worden. De verbintenis als dit zijn, is deze zijnde tegenspraak, deze geldende tegenstrijdigheid, die, omdat zij geldt, zich (als tegenstrijdigheid) moet opheffen (in de levering), waartoe de partijen „dus" verplicht zijn; dit is haar schuld1)! Hegel's b.g. „Vermittelung", in § 74 een „Verhaltnis" genoemd, is de (rechts)betrekking, welke wij „verbintenis" heeten.

De gang van dit proces is door Hegel echter slechts bij wijze van aanduidingen aangegeven, en wel, wat de hoofdlijnen betreft, ongeveer als volgt:

De overeenkomst is een moment van het „verdrag", namelijk de (als stipulatio vormelijke) vaststelling ervan (§ 77). De tegenstrijdigheid is nu, dat de gemeenschappelijke wil als overeenkomst (het wezenlijke) en de verwerkelijking ervan als de levering (het uiterlijke) in het „verdrag" als „Differenz" liggen (§ 78), zoolang het verdrag nog niet nagekomen („erfüllt") is (§ 79). Dit moment van het nog niet nagekomen zijn van het verdrag (wat wij de

l) „Haar" schuld, d. w. z. „schuld" van de verbintenis, en daardoor „schuld" van de partijen; dus „haar" en „schuld" in dubbelen zin te lezen.

Sluiten