Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Welnu, dit taboe-verschijnsel zou in de H. Schrift met name terug te vinden zijn in het verbod om bloed te eten, en in de onderscheiding tusschen rein en onrein; het onreine zou dan taboe wezen. Voor het eerste beroept men zich hieropdat dit verbod gemotiveerd wordt met de herinnering „want de ziel van het vleesch is in het bloed" (Lev. 17 : 11). Dat is volkomen dezelfde beschouwing, zoo wordt gezegd, die we in de taboe-verklaring van het bloed bij de natuurvolken vinden: het bloed is taboe omdat het bizonder veel zielestof bevat. Men vergeet echter bij deze gelijkstelling, dat de motiveering van het verbod om bloed te eten in de aangehaalde Schriftuurplaats nog iets meer bevat en daardoor een geheel ander beginsel op den voorgrond stelt dan in het bloed-taboe der natuurvolken tot uiting komt. De geheele plaats luidt: „en een ieder uit het huis Israëls, en uit de vreemdelingen die in het midden van hen als vreemdelingen verkeeren, die eenig bloed zal gegeten hebben, tegen diens ziel, die dat bloed zal gegeten hebben, zal ik mijn aangezicht zetten, en zal die uit het midden haars volks uitroeien ,* want de ziel van het vleesch is in het bloed; daarom heb ik het u op het altaar gegeven, om voor uwe zielen verzoening te doen; want het is het bloed dat voor de ziel verzoening zal doen; daarom heb ik tot de kinderen Israëls gezegd : geene ziel van u zal bloed eten, noch de vreemdeling die als vreemdeling in het midden van u verkeert zal bloed eten" (Lev. 17 : 10—12). Tweeërlei motief wordt hier dus aangegeven: dat de ziel in het bloed is, en dat het bloed tot verzoening op het altaar dient. En dit laatste is blijkbaar het hoofdmotief, terwijl het eerste weer dient om dat te motiveeren: het bloed-eten wordt verboden, wijl het bloed tot verzoening dient, en het bloed dient tot verzoening, wijl de ziel in het bloed is, wijl het bloed de zetel van het leven is, en in het offer de gedachte van leven om leventot uiting komt. Opvallend is bovendien dat bij het bloedtaboe der natuurvolken niet alleen het eten, maar ook het vergieten van het bloed door het verbod getroffen wordt, en al datgene wat ook slechts door een enkelen droppel bloed wordt aangeraakt is voortaan eveneens taboe, en kan nooit weer voor gewoon gebruik dienst doen. Wat voorts de onderscheiding van rein en onrein aangaat, zij opgemerkt, dat het wel eigenaardig is dat dan juist het begrip taboe

Sluiten