Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Bureaukratie hecht evenwel uit haar aard aan het bestaande.

De massa, geheel en al op winst belust, niet op revolutie, werd door de leiders daarin nog meer versterkt. Zij liet daartoe alles aan de leiders over, werd zelf indolent en traag. En hoe minder actief, hoe minder zelfhandelend de massa werd, des te meer zagen wederom de leiders zich zelve als de eigenlijke dragers van de beweging aan. Des te meer gingen zij denken, dat de actie der arbeiders vooral is de taktiek, en het compromis, die zij bedenken, en dat de middelen der arbeiders zelf niets zijn dan het stembiljet, het betalen der verschuldigde bijdrage, en af en toe een vakstrijd of een demonstratie. Dat de massa eigenlijk een passieve massa is, die geleid wordt, en zij zelve de actieve kracht.

Dit is de tweede fase der socialistische beweging, die na de eerste theoretisch- en praktisch-revolutionaiie komt. Men zou haar kunnen noemen de theoretisch en praktisch hervormende. ')

Zoo was het in Engeland, in de Partij van den Arbeid. Zoo werd het in Frankrijk, waar men zoo ver ging dat socialisten minister werden. Zoo ging het in België, waar men de actie der massa voor het algemeen kiesrecht smoorde, in Holland, waar men zich aan het liberalisme vastketende, in Italië waar men zich aan de radikalen

) In deze periode, — wij zeiden het reeds, — die met de opkomst van het Imperialisme ongeveer samenvalt, komen, althans in de krachtige imperialistische landen, d.i. dus in Duitschland, Frankrijk, Holland, België (Engeland vormt zooals wij zien zullen, een uitzondering) de minste hervormingen. Terwijl in de revolutionaire tijdperken beteekenisvolle verandering in de wetgeving werd bereikt komen zij nu zoo goed als niet meer. '

Holland is daarvoor een zeer goed voorbeeld. Door den eersten revolutionairen stroom kwam een zeer groote verbetering in het kiesrecht. Door de revolutionairtheoretisch-praktische propaganda werd bereikt de Ongevallenwet, die aan. door den arbeid invalide arbeiders 70 percent geeft van het loon, zonder dat zij zelf iets betalen In de reformistische periode kregen de arme menschen, niet de arbeiders de belofte, dat, als zij zeer arm zijn en zich goed gedragen en de gemeente dit erkent, zij i gulden in de week znllen ontvangen. Dus een verplaatsing van de a™e3 Van recht tot almoes, dat is de overgang van Revolutie tot Reformisme.

Hetzelfde ziet men in Duitschland: Sociale Wetgeving werd door de Radikale taktiek bereikt, - door de Reformistische: Niets «aancaie

de Rêformist\schl!gNieti:tbfeiding d°°r RevoIutionaire taktiek, door

En wat bereikten in Frankrijk: Millerand, Briand, Viviani? Men zou kunnen vragen: hoe is het mogelijk, dat juist onder het Imperialisme het Reformisme bloeit. Daar het Imperialisme toch de hervormingen belet

Het antwoord hierop is: Voor de Reformisten bestaat het socialisme de a beidersbeweg.ng, uit strijd voor hervormingen alleen. Zij kunnen ScheenAndere te meer moeet!ng7Hiet voorstelle»- ,Hoe "«"der dus de heivormtogenkornet, des gehele liven Pn l Tï"*"?' M aHiid w«r nieuwe. Anders was hun Voor Sn \cLn ^beIde«beweg.ng, naar hun meening, doelloos, niets meer. bestaat hu?ïïlp„chfer- Hu^enhoitz ter Laan etc, om alleen Holland te noemen, hPrlnlinJl en de arbeidersbeweging, uit aldoor meer en altijd nieuwe

hervormingen voorspiegelen, als lokaas voorhouden aan het proletariaat. En d« op dat lokaas HoIlandsche Proletariaat ziet alleen naar dien spiegel en aast

onmVeSkrmhaakt!mPerialiSme d^r°m * meer' °mdat dit juist hervormingen

Sluiten