Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Albert:

Karei! Waar kom jij vandaan? (Guus heeft

schielijk den voet van den stoel getrokken. Blijft zitten.)

Charles:

Stel me voor, hè?

Albert:

(onwillig en verlegen.) Juffrouw Dennering. Me broer. (Guus knikt even, verlegen-bot, met het hoofd.)

Charles:

Zéér aangenaam. (Tot Albert, vroolijk-minzaam.) Ik kom eens kijken, hoe je 't hebt. Je bent ijverig aan het werk. (Bliksemschicht.) Met trotseering van het onweer....

Albert:

(droog.) Ik dacht, dat jij in Trouville zat. Charles:

Dinsdagmiddag om één uur vertrokken. Me tuf stalt hier in het logement. Maar ik tref het wel met het weer. Dat wordt me daar een leelijk buitje 1

Albert:

(naar buiten ziende.) Regent het al? Dat treft slecht voor de-hooiers 1

Charles:

Voor wat?

Sluiten