Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stel — hoe langer gewacht, hoe vinniger beet.

— Hahaha, dat tooneel, dat tooneel! Ja, je ziet er dingen gebeuren.... Hé ja, ik zal u nog wat vertellen, 't Is ook maar iets héél

gewoons Op mijn reis naar hier, in de

Duitsche D-trein, las ik, in de tijdverdrijfkranten, een Figaro-kroniek, van.... ik weet de naam niet meer, een knap-geschreven, snijdend stuk, waar het Leitmotiv van was: „les actrices ne do i vent pas se marier." Het liep over de eer van de met een actrice getrouwde man; blijkbaar sloeg het op een recente echtscheiding. Aan iets diepers dan de uiterlijke kant van die eer, het maatschappelijke van het huwelijk, raakte het niet. Moesten alle actrices, en wie zoo gek zijn er te trouwen, niet al heel tevreden zijn?....

Zoo gek is eens mijn vader geweest!

Bruusk schreeuwde ik deze woorden uit. Er ontstond wat bevreemding rondom me. Maar dit was nog alleen door mijn toon, doordien men, verwonderd, opeens iets agressiefs meende op te merken in het kunstmensen, dat immers daar zat, om de heeren met lichtzinnigheidjes over chanteuses en actrices plezier te doen.

— Mijn vader, zoo ging ik kalm door, had niets van een praktisch man. Hij was koopmanszoon, zelf koopman, en zoo dwaas een tooneelspeetster lief te krijgen! Om haar verhuisde hij, met zijn zaak. Het was een oude,

De Kunstenaars des Gemeenen Lerens. 7

Sluiten