Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schillig; maakte een knipoogje en een handbeweging van laat maar begaan.

— U ziet het! riep ik; de gastheer geeft immers permissie.

Onwillekeurig deed ik een stap achteruit, als om in mijn kring te houden, wie de kamer uit zou willen.

— Mijn vader, zoo ging ik voort, heeft zijn verloren geld gemakkelijk vergeten en zijn vrouw.... heeft hij vergeven. Maar zijn geestdrift en zijn vertrouwen.... die heerlijke argeloosheid was hij kwijt.

Aan wraak heeft hij nooit gedacht. Zelfs voor haat, wist hij altijd, zou hij tè diep naar beneden moeten. Mij heeft hij nooit een naam genoemd. Maar een boodschap gaf hij mij wel. Vaak sprak hij van menschen, die tijd-verdrijven, Van menschen zonder éénig geluk, ook van een Mascenas met blauwe oogen.

— Jij, riep ik, beklagenswaardige schoelje! Hoe duur heb jij je leven gemaakt! Hoeveel ellende van anderen, hoeveel verwensching, hoeveel hoon heeft je vele geld je gekost. Nooit heb je, van al je dure genot, één moment gehad van geluk. Niets heb je bezeten met al je rijkdom. Je vrouw heeft geen liefde gekend én geen geluk, want je bedroog haar. Je minnaressen gaven je niets. Zoo is het, ik weet het van mijn vader! Zoo was de man met de blauwe oogen.

Je ijdelheid wilde de liefhebberij, dat je zoudt

Sluiten