Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bewerkt worden, dat wij de levensopvatting wijzigen van alle menschen. Het ideaal zal dan eerst bereikt worden, wanneer iedereen in de heele wereld zal zeggen: Waarom zou ik mijne diensten verkoopen en de uwe koopen? Ik ben de mijne aan u verschuldigd. Derhalve: indien er op de gansche aarde nog-één persoon leeft, die niet denkt en handelt volgens deze beginselen, maar neemt en houdt met geweld, wat hij van anderen machtig kan worden, kan niemand een zuiver Christelijk leven leiden, zelfs niet in een Kolonie buiten de wereld''.

Ten aanzien van dergelijke kolonies was Tolstoy dus werkelijk geen utopist.

Niet door zijne sociologie is Tolstoy socialist geworden. Niet door zijn oeconomische critiek op de maatschappij, maar door zijn Christendom. Zijn Christendom was de toetssteen, dien hij aanlegde bij zijne waardeering èn van de kunst èn van de Kerk èn van den Staat. Daarnaar beoordeelde hij de gansche samenleving.

Tolstoy is socialist geworden, omdat de liefdevolle broederschapsidee in zijn Christendom socialistisch is in den hoogsten graad.

Nu is in de hedendaagsche sociaal-democratie die broederschapsidee steriel geworden, en daarom zal een sociaal-democratische samenleving niets anders kunnen opleveren dan een dwangstaat. Men stelle zich een Rijk der Inca's voor, maar dan toegerust met al'de hulpmiddelen van de moderne techniek.

Is in een sociaal-democratischeTsamenleving de enkeling enkel maar in schijn gesocialiseerd^ doch in den grond van zijn wezen de oude egoïst gelaten en gebleven — het materialistisch anarchisme laat zelfs den schijn van een sociaal verband varen en plaatst den enkeling, theoretisch en practisch, los op zich zelf.

Zoo blijken de moderne sociaal-democratie en het materialistisch anarchisme tegenvoeters te zijn, ^wier voetzolen (het beeld is van mij) aan elkaar gegroeid zijn.

Daarom worde vóór alles^begonnen met het wekken van een anderen levenswil in den afzonderlijken mensch, den wil om niets te wezen voor zich zelf, maar alles voor een ander — met een blij gemoed en een helder inzicht. Die nieuwe levenswil is de wil van Christus ; inleen iegelijk van ons.

Met dit'Christusverband vloekt het Staats verband j in zoo hevige mate, dat Tolstoy het alternatief stelt: „Of er is geen

Sluiten