Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dunkt mij. Noch de meê gesleepte Franschen. Noch de afwachtende Italianen. Nog de fatalistiesch altijd ongelukkige Oostenrijkers. De Duitschers zijn de protagonisten.

Zijn de Belgen de getrapte, mishandelde, bloedende slachtoffffers, zij zijn niet tragiesch, als nooit een slachtoffer was.

Zij zijn het Smartelijke Offer.

Het in bloed gesleurde Offer van <ie tragische misdaad der Duitschers.

Want wij weten nu, allen, dat „België" de misdaad was van de Duitschers.

Daar in München, in den beginne en hoe zwak en hoe kórt... poogden zij hunne misdaad goed te spreken, te rechtvaardigen.

Neen, zij moesten den misdaad begaan, als Macbeth die beging: zij moésten, in hunne tragiek voort gestuwd door het Noodlot.

En daarom vrees ik voor hen, want de misdaad wordt altijd gestraft door het Leven, of het Noodlot stuwde of niet...

„De misdaad gestraft", „de ondeugd gestraft" — dat wat wij belachten in de kunst — is niét altijd artistiek misschien in de litteratuur, maar het Laatste Oordeel is altijd rechtvaardig.

* *

* i

Waar dwaal ik heen! Wat weet ik van dit alles! Ik, dichter, fantast, verbeelder, vinder» trouvère, wat weet i k van deze dingen!! Ik weet er niets van.

Maar ik denk er altijd over: er is niets anders in mij dan dat: de Oorlog, altijd de Oorlog...

O, niet meer dat altijd te denken: te genieten weêr de schoonheid van een boek, een schilderij, een antieke statue, een natuurstemming, het licht van een wolk, de vlucht van een vogel, de geur van een bloem...

Sluiten