Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liet ik het kind haar gang gaan, er tegen was ik.

George keek zijn schoonzuster van terzijde eens met een, fijn glimlachje aan. Zij voelde het en ergerde zich erover. Je kon met George nooit eens fatsoenlijk praten, zonder dat dit glimlachje kwam. Zij was van plan' niets meer te zeggen, maar zei meteen i

— Het bloed spreekt altijd.

— Het bloed spreekt altijd, dat heb je nu ergens eens in een boekje gelezen en nou klets je het maar na ook, het bloed spreekt altijd, zeg, heb je jouw bloed wel eens onder een vergrootglaasje gezien? Nee ? Nou zeg dan zooiets niet, hij is een jongen van heel goede en oude familie, er zijn verscheidene Verkerks residenten geweest. Dat was nu een familie, waar je blij mocht zijn, mee in relatie te komen, je neus krulde als je met ze in Concordia zat.

— Je vlakt daar heelemaal uit, dat zij ook blij mochten zijn, ze hebben heelemaal geen geld en Emmy krijgt later een aardige duit mee ook.#.-

— La-we nou wel met mekaar wezen Marie, heb jij, toen je vroeger bij je moeder de vloer schrobde, gedroomd, dat er nog eens een inspecteur van financiën om je dochter komen zou ?

— Adjunct-inspecteur, hij is het nog niet.

— Nou maar hij wordt het, en dat Indische bloed... ik zeg, goed Indisch bloed is vaak te prefereeren boven veel Hollandsch bloed, dat hier tegenwoordig geimporteerd wordt. Dat bloed van Ru bevalt me. Ik ben op den jongen zelf afgegaan, en niet op zijn

Sluiten