Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in deze deftige omgeving van Indische aristrocratie.

— Gilt u niet zoo hard, riep Van Vliet, die haar was nageloopen, ze kunnen het op het Koningsplein hooren... Komt u toch weer binnen!..

Juffrouw Van der Kooy was geheel overstuur van blijdschap door de herkenning...

— Maar wie is het dan, vroeg Mevrouw Van Vliet weer, wie is het...

— Wel wie anders als Leentje,.. Leentje van de paardeslager op den hoek van den Oosteburgergracht, waar ik altijd me lappies haalde... en 's Zondags een biefstikkie... Maar wat hebbe jullie ??

Met de grootste verbazing zag ze Van Vliet krom van den lach in een stoel rollen... terwijl mevrouw, blauw en schokschouderend van benauwdheid tegen een der pilaren van de voorgalerij leunde.

— Leentje van de paardeslager, brulde Van Vliet... o gotogptogot, Leentje van de paardeslager. .. op de hoek. .. van de Oostenburgergracht!

— Papa dolle liefhebber... van peerde, gierde mevrouw... van peerde... paardeslager op Kattenburg. .. Papa!..

— Geparenteerd... onze ootoo... ordinair kleurtje, brulde Van Vliet, met de handen zich den buik vasthoudend. — Goed is-ie... prachtig, Leentjiiiééé!...

— Jullie hoeve nie soo te lache, meende juffrouw van der Kooy ernstig,... wat een best vleesch hadde ze altijd... en het was wat een lief meissie...

Sluiten