Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar ik heb gezegd: ik ga. En de tuinman is ook hier voor het paard; die blijft ook. Wij gaan niet weg ..."

„En tante?" vroeg Magda.

Marijke schrok. „Tante is flauw gevallen — de dokter was er nog bij." En dan, gewichtig als een oudegetrouwe vertrouwde: „Zouiknumethetkind niet naar mijn zuster gaan, tot Mevrouw de boel voor mekaar heeft—?' Zekeeknaar van Woerden.

„Mijnheer zal Mevrouw wel helpen . . ." Ze wachtte even. „Ja, beter is het zoo zeker, 't Was geen leven..."

MaQda vond alles goed. Als ze maar met van Woerden alleen mocht zijn ~ nog dien korten tijd, alleen ... Dus gebeurde het, dat Marijke met het kind in de dogcart vertrok, die de tuinman stuurde naar Marijke's zuster, die onder Rhenen woonde ...

Toen ze weg was, zei van Woerden:

„ Laten we nu den tijd goed benutten. Wat willen we doen?"

„Vertel je me verhalen?" vroeg ze. „Laten we thuis blijven, bij het vuur en vertel me van je jeugd."

En zoo was het. Hij begon bij het begin en vertelde van zijn kinderjaren, van de school, het gymnasium, van de universiteit — en ze volgde het jongske en zag hem opgroeien en zijn denken ontvouwen. Hij leidde haar langs alle paden van zijn

Sluiten