Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staanbare Schaeken, de man van 't honingzoete damesportret, de officieele coureur des dots, de paar knappe kerels en de paar waarachtige Maecenae — en dan mèn ... Mèn verdrong zich. Er was toilet, luxe, schoonheid en tot slot ook beeldhouwwerk en schilderijen, maar die zag men nief a les was letterlijk gemasqueerd door crosses en pleureuses, aigrettes en „créations van Dooren"

Van Weele had met tegenzin Dagmar den arm geboden en hoorde haar vervelende theorieënover „körperhche Schönheit" aan.

Aanhooren deed hij ze eigenlijk niet. Hij zocht moeder en dochter en zijn nervositeit nam zichtbaar toe, toen hij begon te vreezen, dat ze weieens niet daar konden zijn.

Zonder iets te zien of iets te hooren, doorliep hii ten slotte de zalen.

Dagmar was te ijdel om die nervositeit aan iets anders dan aan hun wederontmoeting toe te schriiven. '

Opeens, in de verte, ontwaarde hij Christy's silhouet ... 7

Was het het lange wachten en verwachten? Later begreep hij het zelf niet, kon het althans met dat hooggeroemde, nuchtere verstand van hem niet verklaren. Maar hij, de essentieel maatschappelijke man, werd plotseling een ander...

Nader en nader kwamen ze, in hun geforceerde

Sluiten