Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij, de fijne cynicus, hij voelde die vrouw precies zooals ze was. Wild en woest, gróót hartstochtelijk, tot alles in staat. En dit alles bedwongen door een ijzeren wil en angst voor zichzelf. Angst óók voor geluk, angst voor alles wat niet was „phcht en „deugd" ...

En in dien angst dan: het verlangen, het eeuwig ontkende...! Berouw over iedere spontane daad, van welken aard ook. En het stmegriibeln in zichzelf en zoeken naar theorieën over hoe men leven moet, wat meerder- en wat minderwaardig is. Heel zeker ook voelde hij het onoverwinlijke hier, het moedwillig doode.

Hier faalden zijn overwinnaarstheorieën, hier stond hij voor 't eerst voor het raadsel „hoe?" v

Magda, moe en ongerust, óók onrustig, stelde voor nu weg te gaan. VanWeele bood zijn auto aan: met even opbellen kon die hier zijn, men kon dan naar de Laiterie gaan - mondain Brussel op zijn malst zien.

Magda weigerde niet — ze wilde nu bijna trotseeren — en dan: Christy was zoo eenvoudig vrooüjk, zoo zonder zweem van coquetterie. En moest ze dan de wereld niet zien? De groote limousine

?t Ware het niets' de beide vrouwen, weggedoken in de purper-zijden kussens. VanWeele chauffeerde zélf; één van zijn hobbies, zei hij, als hij m Brussel was.

Sluiten