Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schommelde zachtjes op en neer. Beiden zwegen weer... Toen rolde het rijtuig aan, dat Magda thuisbracht.

„Mijnheer van Weele, u hier?" Er lag misnoegen en verbazing in Magda's toon en toch weer iets als tevredenheid, als viel plotseling iets in haar. Er kwam een mooie trek van rust om haar mond.

„Ja," ging ze voort, „Christy emancipeert zich ... En ze wist ook eigenlijk wel, dat ik dadelijk thuis moest komen."

Van Weele was nu gerustgesteld: dit was de veiligheid, het niet loslaten van conventies. Het deed hem genoegen, dat Magda het niet gewoon vond, dat Christy hem alleen ontvangen had. Hij, die van vrouwen alles eischte, die alle conventie en angst voor de wereld telkens weer wilde overwinnen, begeerde de liefde voor die beiden bijna als eerste conditie vóór zijn begeeren.

Magda had een stoel genomen, hoed en mantel aan 't kamermeisje gegeven en bestelde nu thee. Al haar vijandigheid van 's morgens scheen gevallen en Christy keek verwonderd over de gulheid, waarmee Magda zei: „Ik mag u toch zeker wel een kop thee aanbieden? We hebben zulke vriendelijke herinneringen aan Brussel." Dan even een beetje stil...: „O, u is natuurlijk ook voor Rini's begrafenis overgekomen?"

Sluiten