Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Pardon, mevrouw, dat hebt u niet. Die anderen zijn de „brave Hendriken," de quasi heiligen, die goed en braaf zóó moeten zijn, dat ieder het ziet, omdat ze er anders zélf niet meer aan gelooven. Die lui zijn erger dan dominees." Magda moest even lachen. „Onder dat etiquet gaan allen van die soort." „Ach, neen, ook weer niet. Er is wel een beweging om zelfs daar verbetering te brengen. Het ras van fleemerige predikheeren zal wel eens uitsterven, laten we 't hopen. Voor 't moment, de goeden daargelaten, werkt het woord „dominee" verstijvend. Vindt u niet?'' Nu lachte VanWeele ook.

„Misschien zou 't zoo zijn, als ik er niet zulke aardige, frissche, moderne kende..."

„Onder alle kaf is koren... maar nu de andere soort, de brave Hendriken, de menschen met de eeuwige morne, die hun superioriteitbuitenhangen, die zeggen, dat lijden gezond is en de lach minderwaardig! Die al maar er op uit zijn om zielen te verhoogen en telkens weer slachtoffers maken onder zwakken, die zoo'n respect hebben voor superioriteit en zoo weinig weten, wat ze zelfwaard zijn. Kom, mevrouw, voor die soort kan een gezond mensch geen achting hebben."

„En nu de Don Juans," viel Christy in de rede. Van Weele schrok, keek haar aan, maar vond in haar oogen noch spot noch jok; eer was er angst

Sluiten