Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tiaansche kant. Aan de wanden droomden op zilveren consolen electrische toortsen, gaven leven en wezen aan een zoete Magdalena, die Jezus ontmoette bij de bron. Heel oude Zwitsersche prenten hingen rondom en een kloeke Wilhelm Teil ernatigde boven een Sheraton meubel. De deuren der eetzaal waren wijd open, vereenigden deze met het fijne, oude Fransche boudoir, den grooten salon, met vleugel en harp en de twee heerenkamers, fumoir en afterdinner room. In deze laatste stond nu een koud buffet, è tout hasard. Ook de andere deuren van de eetzaal waren wijd open en gaven toegang tot het groote terras, waartusschen de ramblers en passiebloemen, de glycine en de convolvulus, kleine electrische lichtjes brandden als droomende sterretjes aan een wir-war groenen hemel. En onder op den grond droomden de puurwitte of bloedig-roode begonia's van fiere herkomst, vergetend haar degradatie.

Magda, in haar purperfluweelen japon, die Joles slapelooze nachten gekost had, ging van kamer tot kamer. Het was jaren en jaren geleden, dat ze nog menschen ontvangen had en nu — ineens de staf. 't Was oorlog! Oorlog! Vanmorgen nog had ze met Marijke overlegd. Zuinig wilden ze zijn, vooral geen eetwaar verkwisten. Ze keek het menu nog eens na. Het was toch wél een oorlogsmenu want zóó wilde ze het. Geen luxe.

Sluiten