Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De majoor had begrepen: hij was geen vlegel en hij zweeg en om alles goed te maken, stond hij even later op en toastte op de gastvrouw in werkelijk beleefde termen. Maar 't hielp niet meer. Magda was ontstemd en heel het gezelschap onderging die ontstemming als een druk... De deur ging open en in den ingang, aarzelend, als verwachtte hij niet zoo'n groot gezelschap en als wilde hij zich bescheiden terugtrekken, stond Van Weele.

„Pardon."

Maar Magda, ineens omgetooverd van de ernstige gastvrouw; in de teeder-verlangende, zei, bijna gebiedend: „Gaat u zitten".

Van Weele vond wel, dat hij zich moest laten bidden, maar toen Magda, dit voelend, zweeg, koos hij toch liever eieren voor zijn geld en ging zitten. Het viel hem op, hoe deze vrouw hem kende, zijn geest herkende als iets, haar reeds bekend, en was werkelijk zóó onder haar invloed, dat hij eerst later Christy bemerkte, die hij toch ceremonieel gegroet had. Hemel, wat was dat kind mooi! Eigenlijk veel mooier dan de moeder, minder rijp, minder pikant, neen, minder pikant niet, anders. Ze prikkelde door haar oogopslag, die was enkel naïveteit, maar zóó groote naïveteit, dat 't leek op listige coquetterie.

Toen vroeg hij Christy, of ze hem toestond in haar nabijheid te komen en zij, spontaan en dol-

Sluiten