Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het over van haar. „Neen, zie eens, hoe grappig: een namaak rococo mandje als broche."

„Vind je het mooi?" Hij wachtte nauwelijks haar antwoord af, gaf het den heer Begeer, die glimlachte en verstond. Nu waren het parels —drie lange snoeren. Ze nam ze in haar hand, liet ze glijden tusschen haar blanke vingers, langs de rose glinstering van haar nagels. Van Weele nam ze haar af en legde ze aan haar hals. Begeer keek naar buiten: er zijn vele affiches te lezen aan den Koninklijken Schouwburg. Van Weele's vingers raakten den warmen hals, 't bloed steeg haar naar de slapen. Hij schikte de snoeren met korte, snelle bewegingen. Christy sloot de oogen. Het duurde alles een minuut, hoogstens.

„Van jou", zei Van Weele, „houd ze nu om, voor één uur!" Ze lachte maar, uit opwinding en verlegenheid. „Parels in den dag. Nu goed. Maar, jonk, weet je wat ze kosten?" „Neen", zei hij, „en ik wil het niet weten. Wat nu nog?" Hun wangen gloeiden, hun oogen straalden en ze kochten maar. „Dat nog en die parapluieknop en die lepeltjes." Als stoute kinderen waren ze, die hun spaarpot leegsnoepten in één uur. Zij zag een horlogearmband in platina.

„Die ook?" „Natuurlijk. Maar nu ga ik jou wat geven." En het zoeken begon opnieuw. Een rijzweep met platina knop won het van alles. Nu

Sluiten