Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gende stem al die zoetsappige en brave raadgevingen tot haar. Toen de man van de kansel kwam, boog zij het hoofd en ze wist nu niet meer goed, of zij bij het „Geeft elkander de rechterhand" de hare niet ook uitgestoken had als in verwachting haar te voelen in sterken vertrouwden greep. De sacristie, de vele felicitaties, Christy's witte toilet en Van Weele's tragisch bleeke kop, het had haar alles niet kunnen ontnuchteren. Zehadzijnijskoude lippen op de hare gevoeld en ze wist, dat ze haar armen om hem heen geslagen had. Ze kon nu nog haar schrik navoelen en haar bewuste huichelarij van moederhjk teederheidsvertoon. Op dat moment was de ontgoocheling begonnen. Toen had ze gevoeld, dat daar stonden een man en een vrouw, die waren man en vrouw en dat de vrouw haar dochter en dat de man was hij, dien zij begeerde met den laaienden gloed harer tweede, teruggedrongen jeugd. In haar was de wanhoop gevallen met looden slag en nu had ze wel gezien alle menschen en wel gehoord alle woorden en wel geweten, dat dit alles niet was om haar, maar om die twee, die nu vereend van haar gingen, haar nalatend in gruwzame eenzaamheid.

Toen was gekomen de lunch met de speechen en vriendelijkheden, met de lieve woorden ook voor haar, die slechts opgeroepen hadden herinneringen aan troosteloos gebrek, lijden en nuttelooze

Sluiten