Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kind. En nu klaarde in hem berouw, of liever: dat moede gevoel van weer dit aangericht te hebben en weer ten onrechte geloofd te hebben in zichzelf. Hij hoorde nog, hoe Christy de kamer verliet; toen begon de diepte voor hem te trekken en hij zonk en zonk en alle mtdrukking week van zijn gelaat en alle energie uit zijn denken. Magda zag hem verwonderd aan. Was dat Van Weele?

„Denk aan je trein", zei ze bitter, „nu je Christy dat aangedaan hebt, ga nu tenroinsteen doe het de ander ook nog niet eens."

Hij antwoordde niet. Magda's woorden bereikten hem niet, alleen haar stem hoorde hij en die was stoornis.

Magda begreep niet en ging door.

„Weet je wel, wat je bent? Een gewetenlöozel Ik heb het immers alles vooruit geweten. En toch had ik gehoopt, dat haar jeugd en haar zonnige liefde ... maar je bent niet te redden. Je bent een zwakke en al dat gedoe heb je noodig om te blijven gelooven in jezelf. Zoo gauw een mensch één met jou wordt, heb je een ander noodig om er je bestaan aan te toetsen. Ellendeling!"

Nu pas merkte Magda, dat Van Weele onderuit gegleden was in zijn stoel. Ze stond op en zocht Christy. Maar deze had zich in haar kamer opgesloten en deed eerst bij den derden klop open.

„Christy", zei Magda, „VanWeele is niet goed.

Sluiten