Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vierde Tooneel.

(Geert, de kaartenkol, komt binnen; ze heeft een groote mand met allerlei garen, band enz. in den arm, ze ziet loerend in het rond.)

Geert.

Dag Rosalie, dag boer Heuvelman.

Heuvelman (barsch.)

Stik, oud wijf!

Geert (gaat zitten.) Dat is me ook vriendelijk van jou, wat heb ik arm oud mensch aan jou misdaan, man?

Rosalie (tot Geert.) Ik wou maar, dat ie goed en wel weg was, hij drinkt veel te veel.

Geert (tot Rosalie.) Laat dat maar es aan mij over. (Ze staat op, op Heuvelman af, legt haar hand op z'n schouder en zegt vleiend): Luister eens Heuvelman.

Heuvelman (boos).

"Wat wil je van me, oue tooverkol. Blijf van me af met je oude knokerige handen.... 'k moet niets van je hebben hoor, br!

Geert.

Hé, wat heb je de bokkepruik weer op en ik kwam je nog wel zulke goede tijding brengen.

Heuvelman (schouderophalend).

Jij! 't Zal wat wezen, als 't voor de dag komt.

Sluiten