Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rosalie (geeft hem een glas wijn.) Hier Jules, drink maar eens.

Jules (neemt een teug.) Hé, wat had ik 'n dorst, dat smaakt.

Geert (hoofdschuddend.) Och, och jongen, wat zie je er gehavend uit.

Jules.

Wonder, dat ik nog leef. Maar het is er dan ook naar.- Mijn linkeroog ben ik kwijt, mijn rechterarm hebben ze 'n deel van weggeschoten, 't is alleen nog 'n knoest. Waar deug ik nu voor ? In dienst kunnen ze me nu niet meer gebruiken. Och, wat 'n bestaan.

Rosalie.

Nadat ze je eerst ongelukkig hebben gemaakt. Jules.

Dat doen ze ons allemaal Rosalie. We weten als we in den slag gaan, dat het gaat dood — of half verminkt terug (snikkend.) Dan ben je zoolang in die ellende geweest, 't is of alle duivels losbranden, dat je nog leeft, kun je je heelemaal niet voorstellen. Eindelijk, ja eindelijk kom je terug en hebt oog een oog en een arm, krek als 'n afschuwelijk verminkt wrak.

Rosalie. Je vader en moeder....

Jules (dof.)

Zijn dood, ik weet het al, ze hebben me het verteld. Greta m'n bruid, zinneloos van verdriet, met Triene naar Holland gevlucht.... O, 't is toch zoo verschrikkelijk, vader en moeder in den kracht van hun leven, weggevaagd.... en wat hadden we een ge-

Sluiten