Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zicb uit wanhoop tegenwoordig te bedrinken. Morgen als hij geheel nuchter is, zal ik nog eens kalm met hem spreken. Ga jij nu maar gerust naar huis, van Jef heb je nu niets meer te vreezen.

Rosalie (angstig) Maar later...., ja, dat zegt hij nu tegen U, mijnheer de Pastoor, morgen begint hij weer te dreigen.

Pastoor (streng) Jij hebt schuld Rosalie; door jou is die oppassende jongen een dronkaard geworden. Hij wil weer ten strijde, zegt hij, hij hoopt op een kogel. Nu jij niets meer van hem wilt weten, en zijn oude moeder van hartzeer is gestorven, is hij het leven moede.

Heuvelmans. Misschien komt het tusschen hém en Rosalie nog wel weer goed, mijnheer de Pastoor.

Rosalie (huiverend). O neen! Hij wil niet en ik ben nu bang voor hem. U had hem daareven moeten zien, mijnheer de Pastoor! Ik dank u wel, want hij had me heusch vermoord, geloof ik.

Jules.

Zulk 'n vaart zou het niet hebben geloopen, maar wees voortaan voorzichtig Rosalie.

§r|l Rosalie (angstig).

Is hij weg?

Pastoor.

Jef heeft me beloofd, dat hij naar zijn kosthuis zou gaan en hij zal z'n belofte houden, daar ben ik zeker van.

Sluiten