Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Triene. Greet, kom, niet schreien.

Heuvelmans. O, wat ben ik blij, dat ik jelui bij me heb. Nu blijf je hier.

Triene (aarzelend.) We hebben gehoord, dat Wouter gesneuveld is, is dat waar? (veegt haar oogen af).

Heuvelmans (droevig.) Helaas ja, mijn brave, lieve jongen, hij is dood! 'n Wreede kogel heeft mij hem ontnomen. Ik ben zwaar zenuwziek gewees', toen ik de vreeselijke tijding hoorde, maar Jules, jou Jules heeft mij verpleegd en opgepast, als ware ik zijn eigen vader geweest.

Greta (verheugd).

Jules? Is die hier?

Heuvelmans.

Ja... hij is hier! Wist je dat niet?

Greta (gejaagd).

Neen, we zijn zoo pas aangekomen en spraken alleen Geertemoei, die ons naar U verwees. (Droevig.) Uwe hoeve is er nog, boer Heuvelmans, terwijl onze molen een puinhoop is. Wat 'n geluk, dat Jules leeft. Dat hij gespaard is gebleven, daarop had ik niet durven hopen.

Triene.

En ... en ...

Heuvelmans. Of hij gewond is, wilde je vragen ? Ja, hij mist één oog en zijn rechterarm.

Sluiten