Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE REUS EN DE DWERGEN.

EEN FABEL.

Een jonge Reus stond in het veld

Waar hij voor geld, Door rijke Dwergen aangesteld,

Moest ploegen, zaaien,

Wieden, maaien, Opdat er koren kwam Voor heel de' Dwergenstam.

Al was hij nóg zoo groot en sterk

Toch moest hij rusten bij zijn werk.

En toen hij na een warmen dag

Wat al te lang te slapen lag,

Riep heel het Dwergenkoor: „Daar huurden we den Reus niet voor" „Voor snurken wordt hij niet betaald" ,fiat is vooraf bepaald!"

De Reus stond op,

Nam stil zijn schop En merkte, toen hij weer begon,

Dat hij niet werken kon. De Dwergen, in vertwijfeling, Belegden een vergadering. Waarin met algemeene stemmen Besloten werd... den Reus te temmen.

Een dikke Dwerg Klom op een berg En riep: „Jij, luie slapekop" „Neem dadelijk den arbeid pp," „Of ben je soms vergeten," „Dat jij van ons moet eten?"

De arme Reus

Keek op zijn neus Toen hij die domme woorde1 van zijne meesters hoorde. Hij nam een snel besluit En voerde niets meer uit.

De dwergen namen den proleet Toen bij zijn kuiten beei.

Sluiten