Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegen yerraderlijken slag of stoot, — dan zoujiij houden aan den linkerarm het metalen schild ter bescherming, dat klinken en schallen zou bij eiken slag als een spotlach; en in zijn rechterhand een taaien, esschen speer met scherpen, stalen punt. Ha! dien zou zijn hand wel kunnen'drijven door beschuttend kuras en een ruiter in vollen draf schokkend stil doen staan!

Hij vond er een. Een christenkoning. Groot was de faam van zijn macht, tal van vorsten bogen voor hem neer en brachten hem de schatting van hun afhankelijkheid.

Een dapper en geducht krijger werd hij. Maar trouw als een hond. Want zijn meester lachte luidop met de dolle streken van zijn kracht, als hij een sterken stier bij de scherpe horens greep en hem hield staan, hoe het beest ook wrong en duwde en trok, even gemakkelijk als een jongen een bok bij zijn baard pakt en in toom houdt.

Ha! wie deed dat na? Wie durfde worstelen met hem? Hij zou ze met zijn peezig-dikke armen om de lenden grijpen, ze heffen boven zijn hoofd en ze neersmakken op den grond, dat ze kwakten: dood!

't Was feest op een avond.

De koning zat op een zetel van glimmend-wit ivoor, en zqn zware roode mantel viel langs zijn schouders op den grond. Zijn handen hielden de slanke, sluipende panterlijven van de leuning sterk omvat. Hij zat voorover gebogen in aandachtige luistering, en zijn oogen gingen stralend en strak naar de lippen van den zanger, die voor hem stond en sprak.

Sluiten