Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

letjes kon ze naar de Mis van half negen, nog heel gemakkelijk. Ze werd al wat krimperig op haar jaren.... van de rheumatiek. Vroeg opstaan ging al niet goed meer, ook al een en zeventig! Wat een tijd! Wat Was er niet een heele boel gebeurd! En de oude klok vertelde met haar prettige, haar wijze stem; en daar was een troostende klank in de stem der vertellende klok. Even keek het moederke de kamer rond. Dat deed ze nog zoo dikwijls, maar waar was het voor noodig? Ze was immers dien dag ook al gedaan, alles stond op zijn plaats evenals gisteren en eergisteren en al veel dagen zoo. 't Was ook meer een oude gewoonte, die haar aanzette, om nog eens, en weer, en altijd opnieuw die mooie verbazing en dat goede gevoel over zich te voelen komen van zoete behagelijkheid: wat had ze 't goed! Wat kon ze tevreden wezen. Vroeger beridderde ze alles zelf, 't was mog zoo lang niet geleden, dat ze zich niets uit de handen liet nemen, altijd had ze voor de kinderen gewerkt, dat wilde ze blijven doen. Maar het ging op den duur niet goed meer! Gelukkig, dat ze *t ook niet hoefde, geen vinger behoefde ze vuil te maken, als ze 't niet graag deed. Maar stil zitten, dat kon ze doodgewoon niet. Gek, nu moest ze oppassen, dat Christien niet keef op haar, dat ze te veel wilde doen of soms wel deed! Die zorgde nu letterlijk overal voor! Voor ze naar de fabriek ging, was de boel al op orde. Straks kon ze op haar dooie gemak een beetje aardappelen schillen, weinig maar voor haar tweetjes, de boontjes afhalen die er nog stonden, het

Sluiten