Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toch. En zelf had ze gedaan, zooveel ze vermocht. Onze lieve Heer moest dan ook maar voor de rest zorgen.

Daags na de kleeding, die in 't openbaar gebeurd was, wisten ze er op het werk natuurlijk heel wat op te zeggen. Stien was dus ook al weer verloren voor de kermis en vastenavond. Nou mocht ze niet meer lachen, en ging ze, als 't dansen was, op zolder zitten, zeiden ze. „Bidden voor ons, arme zondaars," spotte er een, en trippelde een paar maten van een wals. Ze liet ze lachen, deed zelf mee. Ze bleef de oude, prettige Stien van vroeger, die haar partij stond. Haar voorbeeld bleef niet zonder vrucht: dat lachend gepraat was ook een propagandamiddel voor 't goede. De betere elementen vonden elkaar meer en meer, ongezocht en ongedwongen. Daar waren er, die 's avonds het zwijgend voorbeeld volgden en ook een oogenblik gingen bidden, tot op een dag ze onder schafttijd met enkelen overeenkwamen onder elkaar, iederen dag een keer het H. Sacrament te bezoeken, al was het maar een minuut.

Hoe goed kon Stien dien avond bidden, want ze was zoo blij. Elk woord en elke goede daad zijn een onbewuste kracht ten goede. In het duistere der begeerte en in de eenzaamheid der ziel, daar kiemt, daar groeit het. O, zoo dikwijls zal het gaan zooals op een mooien lentedag: de lucht nog wat guur, maar toch te zonnig om binnen te blijven; men gaat wandelen, het huis uit, de straten door, de wegen langs, naar buiten. De akkers liggen nog vaal en zwart, de weiden kaal en grauw. Wiegde de

Sluiten