Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar verlangen volgen, laat haar vliegen, vluchten naar den Meester, die haar schiep, die haar verloste, die haar roept. Laat haar gaan rusten aan zijn heilig Hart. Zift* lijden is pijnlijk, maar troostvol, zijn sterven is de overmaat van smarten, maar tevens de volheid van belooning. Hij zal uw zwakheid sterken. Hij zal uw droefheid stillen. Hij zal uw eenzaamheid verblijden. Hij zal uw ziel verzadigen in al haar hevige, matelooze begeerten.

Toen gingen de Zusters naar het altaar. De priester stond voor haar, in zijn hand den gouden kelk, in zijn vingeren de heilige Hostie. Het was haar God, het was haar Bruidegom. En ze wierpen zich geloovend en aanbiddend voor Hem neer, ze baden in berouw nog eens de belijdenis van al hare vele fouten. Ook zij hadden den Heiland ooit beleedigd, helaas! Ze hoorden den priester zeggen : Ziet het Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld.

Toen hoorde Christien de Zusters eefl voor een haar geloften uitspreken: gehoorzaamheid, armoede en zuiverheid. Ze hoorde de stem van Anna; ze hield haar adem in. Haar oogen stonden te branden, haar vingeren grepen vaster ineen. Ze zag, hoe de priester haar Ons-Heer uitreikte, hoe ze 't hoofd boog, en den Bruidegom sloot aan haar hart. Niets als het kalm en gelukkig-gélaten gezicht met de geloken oogen zag ze bij den gang van het altaar. Ze kon zich niet meer houden en schreide en snikte *t uit!... Niet van verdriet, niet om een onbevredigd en altijd vragend verlangen, maar omdat de aandoening haar te machtig werd. Haastig moest ze zich kalmeeren, de

Sluiten